Hoe kom ik van die luiers af?

Hoe kom ik van die luiers af?

Zindelijkheid een interessant maar soms ook een ingewikkeld onderwerp. Als ouder bent u druk met de alledaagse dingen rondom uw kind. Daarnaast werkt u en probeert u alle ballen hoog te houden. In de opvoeding komt het er bij iedereen denk ik wel op neer dat u eigenlijk probeert uw kind steeds meer zelfstandig te maken, toch?! Maar wanneer begin je dan eigenlijk met het zindelijk maken van je kind? Bij de een lijkt het vanzelf te gaan en bij de ander lijkt het jaren te duren. Waar ligt dat dan aan? Ben je als ouders dan niet consequent genoeg of is je kind er misschien gewoon nog niet helemaal klaar voor? Erg interessant om dat even uit te pluizen vindt u ook niet?

Laat ik dan maar eerst beginnen met de definitie van zindelijkheid. Het prisma woordenboek beschrijft het als volgt: rein, zichzelf niet meer bevuilend met zijn behoeften. Ik hoor u zeggen: ja dat is logisch, dat kan ik zelf ook nog wel verzinnen. Vertel me liever wanneer mijn kind er klaar voor is om zichzelf niet meer te bevuilen met zijn behoeften. Daar is in de theorie wel wat over te vinden. 

Wilt u dat uw kind zindelijk wordt dan moet het eerst lichamelijk gerijpt zijn en daarnaast moet het ook op vijf ontwikkelingsgebieden redelijk ontwikkeld zijn. Voordat we hier naar gaan kijken eerst iets over de lichamelijke rijping van het kind. 

Lichamelijk rijping

Als een baby geboren wordt is het nog niet zindelijk. Het poept en plast nog reflexmatig. Een baby heeft nog geen spierbeheersing en kan daarom de sluitspieren van de blaas en anus nog niet beheersen. Een baby is zich er niet van bewust dat het een blaas- en darmfunctie heeft en kan het aandranggevoel nog niet plaatsen. Dit komt omdat een baby nog niet neurologisch gerijpt is. 

De ontwikkeling van de blaasbeheersing bestaat uit drie fasen, namelijk:

  • De reflexfase. Deze fase duurt ongeveer tot 18 maanden. In deze fase wordt de blaas vanzelf geleegd als het een bepaalde vullingsgraad heeft
  • De bewustwordingsfase. In deze fase leert het kind dat het aandranggevoel bij plassen hoort en heeft het ook door dat het nat is.
  • De beheers fase. Deze fase is bij kinderen tussen de 2 en 3 jaar. In het begin leren ze korte tijd hun plas op het houden. Ze kunnen dan bewust hun bekkenbodemspieren aanspannen. 

De beheersing van de darmfunctie verloopt op een vergelijkebare manier. In de darmen, een lange holle buis, worden de voedselrestanten door spiersamentrekkingen verplaatst naar de dikke darm en vervolgens naar de endeldarm. Bij een bepaalde hoeveelheid ontlasting ontstaat een poepreflex. Ook deze leren kinderen herkennen en onder controle te houden als ze zindelijk worden.

Dit is in het kort de lichamelijke ontwikkeling dat een kind moet doormaken om zindelijk te worden. Nu iets over de beheersing van de vijf ontwikkelingsgebieden.

De beheersing van vijf ontwikkelingsgebieden

Als een kindje anderhalf jaar is wordt er in de westerse landen begonnen met de zindelijkheidstraining. Op deze leeftijd kunnen de kinderen reflexmatig gedrag omzetten in gecontroleerd gedrag. Ze kunnen dan de sluitspieren beheersen en dat is nodig bij het zindelijk worden. Maar kinderen moeten nog meer leren dan alleen het beheersen van de sluitspieren. Wil een kind helemaal zindelijk kunnen worden moet het vijf ontwikkelingsgebieden beheersen (Fischel & Liebert, 2000): 

  1. Communicatieve ontwikkeling: een kind is in staat aan de opvoeders duidelijk te maken dat ze moeten plassen/poepen; 
  2. Sociaal-emotionele ontwikkeling: een kind moet kunnen begrijpen wat opvoeders van hen verlangen en moeten daar ook naar kunnen handelen; 
  3. Grove motorische ontwikkeling: een kind moet een bepaalde tijd – op de wc – in een bepaalde houding kunnen zitten; 
  4. Fijne motorische ontwikkeling: een kind is in staat knoopjes open te maken en kan zijn/haar billen afvegen; 
  5. Cognitieve ontwikkeling: een kind kan de aandrang herkennen, kan deze controleren, en kan het plassen en poepen tot het juiste moment en de juiste plaats uitstellen.

Dit zegt nog niet dat als een kind lichamelijk ontwikkeld is, zoals hierboven beschreven is en de vijf ontwikkelingsgebieden beheerst dat een kind ook daadwerkelijk zindelijk wordt. Bij het zindelijk maken van je kind komt ook nog zoiets kijken als uw kind zelf. Heeft uw kind er wel interesse in of is het met hele andere dingen bezig?

Nu blijkt dat uw kind er lichamelijk klaar voor is en er zelf ook gemotiveerd is om zindelijk te worden is het nog de vraag op welke manier doe ik dat dan? Er bestaan erg veel zindelijkheidstrainingen en over elke training is wel iets positiefs te zeggen. Ik denk dat het vooral belangrijk is dat u doet wat bij u en uw kind past. Doe het vooral samen en praat erover met uw kind en lees bijvoorbeeld een prentenboek voor over dit onderwerp. 

Ik zal een voorbeeld stappenplan geven:

  • Het is belangrijk dat een kind weet wat de bedoeling is. Introduceer het potje of de wc en laat weten wat daarmee gedaan moet worden. Dit kan spelenderwijs door de knuffelbeer of een pop een plasje te laten doen op de wc. 
  • Het kind op vaste momenten een plas op de wc/potje laten doen bijvoorbeeld voor en na het slapen. Als u merkt dat u kind geregeld droog is kan u het proberen om het overdag zonder luier rond te laten lopen. Voor een kind is het wel fijn als u op zulke dagen niet meerdere keren de deur uit hoeft. Plan een rustig moment hiervoor in om het kind eraan te laten wennen. 
  • Weer een stap verder kan zijn dat het kind ook buiten de deur geen luier om heeft. 
  • Nog een stap verder heeft uw kind ook geen luier meer om als het naar het kinderdagverblijf of de peuterspeelzaal gaat. 

Op deze manier kan het kind zijn zelfvertrouwen opbouwen in deze situatie en kan het eerst oefenen in de vertrouwde omgeving en als het daar al goed lukt kan het oefenen in een minder vertrouwde omgeving beginnen. Bij de een gaat het in een keer goed waar de ander het nog erg spannend vindt en af en toe een ongelukje heeft. Houd er rekening mee dat uw kind in de kinderopvang met veel meer factoren te maken heeft dan thuis. Factoren zoals is de vaste juf er, zijn er veel kinderen en gaat het kind helemaal op in zijn spel en zo zijn er nog meer factoren op te noemen die maken of het goed gaat. 

Of de zindelijkheid succes heeft hangt voor een groot deel ook van u, als ouder, af. Neemt u de tijd voor uw kind in deze fase en reageert u sensitief op de signalen van uw kind dan is de kans groot dat het zindelijk worden gaat slagen. Als een kind zindelijk wordt groeit daarmee het zelfvertrouwen, omdat het iets leert zelf te doen waar het zelf alleen invloed op heeft. Een ouder kan niet het plasje ophouden tot het kind bij de wc is dat moet het kind echt zelf doen. Reageer daarom als ouders positief op het kind als het daadwerkelijk een plas heeft gedaan. Gaat het een keer fout geef ook dan aan dat het kan gebeuren en dat het de volgende keer vast weer gaat lukken. Positief blijven is heel belangrijk om ervoor te zorgen niet in een negatieve cirkel terecht te komen. Probeer het om het tempo van het kind te doen. Blijkt uw kind er toch nog niet helemaal klaar voor te zijn ga dan weer een stapje terug. Een nee het betekent niet dat als uw kind bijna vier is dat u als ouder vast niet de tijd heeft genomen voor uw kind. Ieder kind ontwikkelt op zijn eigen manier en dat betekent bij het ene kind dat het met 20 maanden oud al kan starten met zindelijk worden en bij een ander kind kan dit 36 maanden of nog later zijn.  

In veel zindelijkheidstrainingen wordt gewerkt met een beloningssysteem. Na elk plasje dat een kind heeft gedaan krijgt het dan bijvoorbeeld een sticker en is de kaart vol dan krijgt het een klein cadeautje. Dit doen wij ook bij 10forKIDS. Waarbij ikzelf het belangrijk vind dat een kind ook een compliment verdiend elke keer als het kind op de wc heeft gezeten en zijn best heeft gedaan om een plas te doen. Een kind is heel gevoelig voor complimenten en vind het enorm fijn als de ouder blij is. 

Bij het beloningssysteem kan ervoor gekozen worden om toch ook een sticker te geven als het geen plas heeft gedaan, ook de inzet om het goed te willen doen telt dan. Wanneer stop je met het geven van stickers? Dat is de vraag waar u als ouders zelf over na mag denken. Gebruiken we een beloningskaart laten we dat dan in ieder geval doen in combinatie met een positief compliment bij elke keer dat een kind het geprobeerd heeft. 

Als laatste zijn er nog enkele tips voor u als ouders: 

  • Begin pas als uw kind er echt klaar voor is en forceer het niet. Maak er een leuk moment van en zing bijvoorbeeld liedjes met elkaar als het kind op de wc zit. 
  • Begint u met het zindelijk worden/maken van uw kind. Trek uw kind dan makkelijke kleding aan. Heeft het bijvoorbeeld nog een romper aan en moet het wel vaak naar de wc dan is het voor het kind en de leidster niet zo makkelijk. Een hemd en onderbroek is dan gemakkelijker, omdat de kans dat een romper nat wordt bij het plassen groter is dan bij een hemd en onderbroek.
  • Stem als ouders de zindelijkheidstraining samen met de leidster af. Gegarandeerd meer succes geboekt wanneer ouders en leidsters op elkaar afstemmen. 
  • Blijf positief, ook als het niet in een keer lukt. 

 

Elisabeth Kok – Moerman
Pedagoog en leidster bij de Stampers 0 – 4 jaar 

elisabeth_moerman-team_10forkids